Ras Standaard

De rasstandaard van de Perro de Agua Español

Deze rasstandaard is afkomstig van de Fédération Cynologique Internationale (FCI).

Het is de nu geldende rasstandaard, opgesteld op 03. 09. 1999.

De rasstandaard van de Spaanse Waterhond is origineel in het Spaans, en vertaald naar het Engels, Frans en Duits en Nederlands.

Nederlandse Rasstandaard

Perro De Agua Español (336)

FCI standaard: Groep 8, sectie 3, waterhonden, nummer 336

  1. Oorsprong
    Spanje
  2. Gebruik
    Herdershond, jachthond en vissershond alsook gezelschapshond
  3. Korte geschiedenis van het ras   
    De aanwezigheid van deze hond op het Iberische schiereiland bestaat sinds het begin van de tijd en behoort tot dezelfde familie als de oude Barbet. De hoofdpopulatie heeft zijn basis in Andalucie waar hij gebruikt werd als herdershond en hij reeds eeuwen bekent stond als “TURKENHOND”.Zijn uiterlijk,    vooral zijn vacht is perfekt aangepast aan het veranderlijke weer van de moerasachtige streek (soms nat en soms droog), wat hem kwalificeert als herdershond, als hulp van de vissers en van de jager op waterwild in deze streken.
  4. Algemene verschijning
    Rustieke hond, goed geproportioneerd, dolichocephalic ( lange smalle schedel), met middelmatig gewicht, eerder gestrekte lichaamsbouw, harmonisch gebouwd, aantrekkelijk profiel, Atletisch en goed gespierd te danken aan zijn regelmatige arbeid, profiel is rechtlijnig.Goed ontwikkelde reukzin, oog en gehoor.
  5. Karakter  
    Trouw, gehoorzaam, vrolijk, goede werker, evenwichtig,moedig en zeer verstandig, zeer leergierig dankzij een buitengewoon bevattingsvermogen. Past zich aan elke voorwaarde en situatie aan.
  6. Belangrijke proporties
    Lengte van het lichaam/schofthoogte: 9/8
    Borstdiepte/schofthoogte: 4/8
    Lengte voorsnuit/lengte schedel: 2/3
  7. Hoofd
    Sterk, elegant gedragen

    7.1 Schedelstreek 

    Platte schedel,jachtknobbel bij onmerkbaar, stop licht aangeduid

7.2 Voorsnuitstreek profiel is rechtlijnig  
Neus en neusspiegel: goed ontwikkelde neusgaten, neusspiegel heeft dezelfde kleur of is donkerder dan die van de vacht.
Lippen: goed aangeduide mondhoek
Tanden: goed gevormd, wit, grote hoektanden.
Ogen: licht schuin en goed uit elkaar geplaatst, met veel uitdrukking,licht tot kastanje bruin aangepast aan de vachtkleur. Bindvlies niet zichtbaar
Oren: middelhoog aangezet, driehoekig en hangend

  1. Hals
    Kort en goed gespierd, zonder keelhuid. Perfect aan de schouders aangezet
  2. Lichaam  
    Robuust
    Bovenbelijning: recht
    Schoft: licht aangeduid
    Rug: recht en sterk
    Borst: breed en diep, ribben goed gewelfd van een diameter die grote ademhalingsmogelijkheid toelaat.
    Kroep: licht aflopend
    Onderbelijning: buik licht opgetrokken
    Staart: middelhoog aangezet, het kouperen dient te gebeuren van de 2de tot de 4de staartwervel.
    Sommige exemplaren tonen een aangeboren stompstaart.
  3. Ledematen
    10.1 Voorhand ledematen
    Stevig en recht
    Schouders: goed gespierd, en schuin aanliggend
    Bovenarm: sterk en schuinliggend
    Ellebogen: goed aan de borstkas aanliggend en parallel
    Onderarm: krachtig en recht
    Polsen en voorvoetmidden: recht eerder kort
    Voeten: rond en goed aangesloten, nagels in alle kleuren toegelaten,    voetkussens met goed weerstandsvermogen10.2 Achterhanden ledematen 
    Perfect loodrecht, hoeking niet overdreven en met spieren die de mogelijkheid hebben om het lichaam bij het lopen energieke stuwing te geven en de nodige vering voor gemakkelijke en elegante sprongen te maken.
    Bovenbeen: lang en goed ontwikkeld
    Onderbeen: goed ontwikkeld
    Sprong: goed neergelaten
    Achtermiddenvoet: kort, droog en loodrecht op de bodem    Achtervoeten: idem als voorvoeten
  4. Gangwerk
    Bij voorkeur de draf, de galop is kort en springerig
  5. Huid
    Soepel, fijn en het lichaam goed omsluitend. Kan kastanjebruin, zwart of gedepigmenteerd zijn, volgens kleur van de vacht, evenals de slijmvliezen.
  6. Vacht
    Altijd gekruld en met wollige textuur. Gegolfd of gekruld indien kort, lang kan het koorden vormen.
    Het scheren dient steeds volledig en gelijk te gebeuren, en mag geen esthetisch doel hebben.
    De lengte van de showvacht is van 3cm tot 12cm.
  7. Kleur
    Eenkleurige: Wit, zwart en bruin in verschillende schakeringen
    Tweekleurige: Wit-zwart, zwart-wit, bruin-wit en wit-bruin in alle schakeringen, de tweede kleur dient steeds wit te zijn.
    Driekleurige exemplaren alsook dalmatiër zijn niet toegelaten.
  8. Grootte en gewicht
    Schofthoogte:
    Reuen 44-50cm
    Teven 40-46cm
    Met een tolerantie van 2 cm omhoog indien de hond harmonisch gebouwd is, en voldoet aan de rest van de standaard.
    Gewicht:
    Reuen 18-22kg
    Teven 14-18kg
  9. Fouten
    Zware fouten: zadelrug, Afwijkingen van de loodrechte stelling, hangbuik of extreem opgetrokken buik.
    Diskwalificerende fouten: Onstabiel karakter, ondervoor of bovenvoorbijter, wolfsklauwen, mono-of crytorchiden, rechte beharing, driekleurige, tweekleurige waarvan de tweede kleur niet wit is, dalmatiër en albinisme.
    Opmerking: De reuen moeten twee normaal ontwikkelde, volledig in het scrotum ingedaalde testikels hebben.
Top